Thomas Bernhard – Houthakken

Ik geloof niet dat ik veel Oostenrijkse literatuur heb gelezen. Stefan Zweig schiet me te binnen, hoewel ik die niet onmiddellijk met Oostenrijk associeer. Joseph Roth idem dito. Onlangs was de Oostenrijkse literatuur ineens in het nieuws door de omstreden toekenning van de Nobelprijs voor de Literatuur aan Peter Handke. De andere gedoodverfde Nobelprijskandidaat uit Oostenrijk was Thomas Bernhard die, helaas voor hem, te vroeg overleed om ‘m al in de wacht gesleept te kunnen hebben. Hoewel, helaas, ik vermoed dat men hem er geen plezier mee zal hebben gedaan. Het was niet zo’n vrolijke man. Als mensen tegenwoordig aan Thomas Bernhard denken schiet ze meestal als eerste zijn legendarische misantrope karakter te binnen. Maar, hij kon echt goed schrijven.

Met de Gillissen leesclub lazen we zijn bekendste roman Houthakken. Ik had er nog nooit van gehoord, maar dat het me zal bijblijven is zeker. Het is namelijk een gek, geestig, origineel, frustrerend, wervelend boek, en met dit beperkte aantal bijvoeglijke naamwoorden doe ik het zonder meer tekort. Bernhard staat het meest bekend als toneelschrijver en dat zie je vaak terug in zijn romans. Ook Houthakken voldoet aan de theatrale eenheid van tijd, plaats en actie. Alles in het boek speelt zich af in het huis van het Weense echtpaar Auersberger, gedurende één avond. We zitten al die tijd in het hoofd van de hoofdpersoon, die in een vlaag van verstandsverbijstering een uitnodiging voor een ‘kunstzinnig avondmaal’ heeft aangenomen.

Vanaf het moment dat hij het huis van de Auersbergers betreedt heeft hij spijt van zijn komst. Hij nestelt zich in een oorfauteuil bij de deur en zet het op een geïrriteerd zwijgen. Mopperend en tierend in zijn hoofd vraagt hij zich af wat hij hier in godsnaam doet. Het eerste deel van de avond wachten alle gasten behalve de hoofdpersoon met smart op de komst van de eregast, een gevierde acteur van het beroemde Burgtheater. Als deze Burgacteur laat op de avond eindelijk zijn entree maakt wekt het geen verbazing dat het een leeghoofdige blaaskaak betreft. Terwijl de drank rijkelijk blijft vloeien en de gemoederen verhit raken wordt het er niet gezelliger op. Behalve voor de lezer dan.
Naarmate de aanwezigen verder beneveld raken en de gesprekken bralleriger neemt het gif in de blik van de hoofdpersoon toe. In een wervelende stroom van taal neemt Bernhard ons steeds verder mee deze tamelijk verschrikkelijke avond in. Zo nu en dan krijgt de plot weer een zetje, maar als lezer zit je vastgeklonken aan de continue gedachtestroom van de hoofdpersoon die in eindeloze cirkelbewegingen steeds maar weer bij dezelfde dingen uitkomt: waarom heeft hij de uitnodiging voor deze avond aangenomen, wetende dat het precies zo verschrikkelijk zou worden als het ook blijkt te zijn? Wat zijn deze mensen net en hypocriet. Hij had niet voor niks al twintig jaar geen contact meer met de Auersbergsen en dat blijkt volkomen terecht.

Zodra je weet dat Bernhard oorspronkelijk het conservatorium heeft bezocht en een goed ontwikkeld muzikaal gehoor had valt de ritmische kracht van zijn stijl pas echt op. Tijdens de leesclub las één van de aanwezigen een stuk voor uit het boek, met de bekende muziek van Ravels Bolero op de achtergrond. Het klopte precies. Bernhard heeft precies zo’n repetitieve cadans in zijn zinnen gestopt, waar steeds een beetje op gevarieerd wordt. Als je het weet dan zie je het. Dan zie je ook hoe fantastisch het boek vertaald is door Chris Bakker en Pauline de Bok, want dit ritme blijft in de Nederlandse vertaling volkomen overeind. Van tevoren schrok het hermetisch zwarte omslag me af (over niet-uitnodigend gesproken!), maar als je voorin leest dat dat conform de wensen van Bernhard zelf voor dit boek is gedaan, klopt ook dat in het plaatje.

Vanwege het ritme en de zeggingskracht in Bernhards stijl kan ik aanbevelen dit boek hardop te lezen, of in elk hardop in je hoofd. Dit is geen boek om in kleine plukjes te lezen voor het slapengaan, maar het liefst in één continue rutsch. Kom in het aanstekelijke ritme en beleef deze avond een-op-een chronologisch mee met de heerlijk misantrope hoofdpersoon. Het boek was een duidelijke afrekening met de opgeblazen, hypocriete Weense intelligentsia en dat werd Bernhard in eigen land niet in dank afgenomen. Los van de inhoud blijft juist Bernhards stijl grandioos overeind, ook 36 jaar later. Houthakken is denk ik het beste geschikt voor de ‘geoefende lezer’, maar dan heb je ook echt wat origineels. Voor de rest van mijn leven zal het woord ‘oorfauteuil’ me aan dit boek doen denken.

Thomas Bernhard – Houthakken
Uitgeverij IJzer, 2019
Oorspronkelijke titel Holzfällen -Eine Erregung, 1984
Vertaald uit het Duits door Chris Bakker en Pauline de Bok
256 pagina’s

Facebooktwitterlinkedinmail

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *