(Zomerlezen #1)

Op vakantie naar Spanje; Sevilla, Andalusië, de warmte tegemoet. Minder dan twee weken zouden we gaan, dus heel veel boeken mee hoefde niet. Bovendien, we komen altijd met meer boeken thuis dan we mee vertrokken zijn en Sevilla bleek een echte boekhandels-stad. Je zou kunnen zeggen, hoe minder je meeneemt, hoe belangrijker het wordt wat je wél meeneemt. Die minimale bagage moet dan wel kwaliteit hebben. Niet te moeilijk of zwaar, want vakantie, zon, ontspanning, et cetera. Maar ook geen niemendalletjes, want daar hou ik niet van. Een eeuwig terugkerend zomerdilemma dit, het oplossen waarvan ik stiekem wel geniet.
Het openingsboek werd deze zomer Tsjik van Wolfgang Herrndorf en het weerstond de druk glansrijk. Hier had ik ook op gehoopt, want ik kende het boek al een beetje. Vorig jaar was ik aan Tsjik begonnen in het Duits en tot ongeveer een derde gekomen. Hoewel de geestelijke worsteling van het lezen in een andere taal dan mijn gebruikelijke leestalen Nederlands en Engels mij wel beviel, werd dit toch overtroefd door mijn ongeduld; het schoot niet op en dat irriteerde me. Zeker omdat Tsjik juist een heerlijk vlot en lekker boek is. Daar moet je niet ploeterend doorheen, vijf woorden opzoekend per pagina, maar je laten meevoeren door de flow die Herrndorf zijn verhaal zo goed heeft weten mee te geven.
Toch maar Nederlands dus, en waarom ook niet, het boek is uitstekend vertaald. Gewoon weer opnieuw beginnen en nu schoot ik er ineens doorheen. Het is een prettig gek verhaal over de schuchtere Berlijnse jongen Maik die per ongeluk bevriend raakt met zijn Russische klasgenoot Andrej Tsjichatsjow, zeg maar Tsjik. Het is de grote zomervakantie in Duitsland (hoe toepasselijk) en Tsjik stelt voor om een reisje te maken in een aftandse Lada die hij heeft weten te jatten. Hij wil naar Walachije rijden, maar begrijpt niet helemaal dat dat in Duitse oren klinkt alsof hij een ritje naar Timboektoe voorstelt (overigens is Walachije gewoon de oude naam voor zuid-Roemenië, alwaar ik regelmatig verblijf, maar Maik ziet dit anders).
Tsjik weet Maik toch zover te krijgen en zo begint hun roadtrip door Duitsland, richting het oosten of het zuiden of iets in die richting. Het enige probleem is dat Tsjik en Maik allebei pas veertien zijn en Tsjik nog niet zo veel ervaring als bestuurder heeft, laat staan een rijbewijs. Een 'recipe for disaster' zou je denken, maar ze brengen het er nog aardig vanaf. Ze ontmoeten interessante mensen en komen op aparte plekken in Duitsland. Walachije bereiken ze niet, want het gaat natuurlijk een keer mis. Toch hebben Maik en Tsjik een leukere zomer dan hun klasgenoten.
Tsjik is een origineel boek, dat door Herrndorfs geestige en taalrijke schrijfstijl een onweerstaanbare vaart krijgt. Ideaal om de vakantie mee af te trappen, voor eenieder vanaf pak 'm beet zestien jaar die wel houdt van een gek verhaal.

26 Juli 2015

Cossee, 2011
Oorspronkelijke titel Tschick, 2010
Vertaald uit het Duits door Pauline de Bok
256 pagina's 






Comments

Hij zit in een café in Berlijn en kijkt naar de barvrouw. Hij bewondert haar rust, hoe ze met een vol dienblad door het café snelt en naar iedereen lacht. Hij zou haar wel willen aanspreken, maar is te onzeker om een poging te wagen. Hij gaat op huis aan. Slenterend door de straten van Berlijn bekijkt hij de mensen en realiseert zich dat hij niet gelukkig is in deze stad. Een paar jaar geleden woonde hij nog in Wenen en toen was alles beter, althans in zijn herinnering. Hij besluit terug naar Wenen te keren, al is het maar voor even.
Dit boek heet echter niet voor niks Umwege erhöhen die Ortskenntnis: de trein naar Wenen stopt eerst in Praag en dat is ook geen verkeerde plaats om te zijn. Hij loopt een oude vriend tegen het lijf – zo gaan die dingen – en brengt met hem een paar dagen door in Praag. Ondertussen wordt hij verliefd op Brit, het nichtje van de oude vriend, maar zonder met die verliefdheid veel te doen reist hij door naar Wenen.
In Wenen is alles hetzelfde gebleven, hoewel hij zelf is veranderd. Hij slaapt bij zijn oude studiegenote Anne en er ontstaat een liefde die altijd al mogelijk was geweest. Hij wandelt door de stad met Anne, gaat hardlopen langs het Donaukanaal en loopt Brit weer tegen het lijf. Brit trekt het aan, maar hij realiseert zich zijn geluk met Anne. Hij besluit wat langer in Wenen te blijven.

Umwege erhöhen die Ortskenntnis (mooie titel) is het tweede boek dat ik in het Duits gelezen heb dit jaar. Ondanks de mijmerende, melancholische momenten van de hoofdpersoon is het een frisse vertelling, in toegankelijk hedendaags Duits. Het boek ademt een prettige jaren ’90 sfeer, met telefooncellen en geschreven brieven. Het gaat de mensen goed, maar wat koop je daarvoor? De hoofdpersoon zoekt zijn weg in de comfortabele, maar ook onverschillige wereld van de moderne stad. Zijn zoektocht lijkt zeker niet over op het moment dat het verhaal eindigt, maar zijn instinct heeft hem voorlopig wel de juiste kant op geleid.

Ik dank collega A. voor het lenen.

3 Juli 2014

Droemersche Verlagsanstalt Th. Knaur, 2001
Oorspronkelijk verschenen, 1999
174 pagina's






Comments

Laatst was ik in Duitsland. Vrienden bezoeken, cultuur gecombineerd met currywurst, maar bovenal om te wandelen. Vanaf Osnabrück naar het noorden, de Hünenweg af, eerst door de uitlopers van het Teutobürger Wald, daarna Moorlandschap. Wandelen combineert niet alleen sport met ontspanning, het is ook aangenaam langzaam; een vorm van slow travel, zo u wilt. Bij mijn collega A. rolde er bij de combinatie jonge man + wandelen + Duitsland gelijk een boek uit van Markus Seidel, met de prachtige titel Umwege erhöhen die Ortskenntnis. Beter kan ik het niet zeggen. Gewapend met dit boek ging ik op stap, met dien verstande dat ik nog nooit een boek in het Duits had gelezen. Uiteraard heb ik dit op school wel moeten doen, maar ik heb nog het tijdperk meegemaakt dat je een boekverslag zo van Internet kon plukken en dat je docent dat dan niet doorhad. Die tijden zijn inmiddels voorbij, begrijp ik.

Duits lezen anno 2014 gaat, langzaam maar vrij zeker. Umwege erhöhen die Ortskenntnis begon ik in te komen. Eenmaal terug in Osnabrück aangekomen besloot ik bij de lokale boekhandel Wenner wat meer Duits leesvoer in te slaan. Ik dacht, waarom niet begonnen met een van mijn favoriete jeugdboeken, De meester van de zwarte molen van Otfried Preußler, in het Duits Krabat genaamd. Ik had dit boek een paar dagen ervoor al bij onze vrienden in de kast zien staan en de eenzame Hexentanzplatz die ik de vorige dag in de bossen was tegengekomen deed me nog er nog eens aan denken. De Umwege moesten even wijken voor dit jeugdsentiment in een nieuw jasje.

Het is erg prettig te ervaren hoeveel je van zo’n boek nog weet, ook zoveel jaren later. Het verhaal van de jongen Krabat die aan het werk gaat op een zwarte molen en samen met zijn mede-molenaarsleerlingen les in de duistere kunsten krijgt van de duivelse molenaar. Een boek dat, toen het uitkwam in 1971, waarschijnlijk ook al prettig ouderwets aandeed, met zijn sfeervolle setting op het 18e eeuwse Oost-Duitse platteland. Er waren veel Duitse woorden die ik niet onmiddelijk begreep, maar door de grote herkenning vormde dat geen probleem; de context wees me steeds wat werd bedoeld. Een boek lezen in een taal waarin ik nog niet zo’n hoog niveau heb is een prettige uitdaging merk ik. Soms knarst het bovenin, maar het stimuleert ook. De genoegens iets in de originele taal te lezen zijn groot. Dat weekje Duitsland, kortom, heeft me (al was het alleen voor de currywurst) meer gebracht dan verwacht. Ik heb inmiddels een nieuwe categorie 'auf Deutsch' aangemaakt en ik hoop daar binnenkort meer Duitse boeken aan toe te kunnen voegen. Tips met niet al te moeilijke Duitse boeken zijn welkom!

9 Maart 2014

Deutscher Taschenbuch Verlag, 2014
Oorspronkelijk verschenen, 1971


Comments
 

reading now


Categories